De vraag is niet of waardevermindering bestaat, maar of er iemand is die er verantwoordelijk voor is. Grofweg zijn er twee situaties.
Bij verborgen gebreken en wanprestatie van de verkoper
U koopt een auto die als schadevrij wordt gepresenteerd, en later blijkt er wel degelijk een schadeverleden te zijn. Dan heeft u niet gekregen wat is afgesproken. De verkoper hoort te vertellen wat hij weet; zegt hij uitdrukkelijk dat de auto schadevrij is, dan mag u daarop afgaan.
In die situatie heeft u ruwweg twee routes. U kunt de koop terugdraaien, of u houdt de auto en laat het verschil vergoeden tussen wat u betaalde en wat de auto met dat verleden werkelijk waard is. Deze pagina gaat over die tweede route: u houdt de auto en claimt het waardeverlies.
Laat de verkoper daarom altijd schriftelijk vastleggen dat de auto schadevrij is voordat u tekent. Zonder die vastlegging wordt het achteraf een woord-tegen-woordkwestie.
Bij schade door derden (vandalisme, fouten van de garage)
De tweede situatie is dat iemand anders schade aan uw auto veroorzaakt. Een vandaal haalt een sleutel langs de flank. Een monteur laat een gereedschapskist op de motorkap vallen. Hagel of een omgewaaide tak beschadigt het plaatwerk en er is iemand aansprakelijk voor dat onderhoud.
Wie de schade veroorzaakt, moet die vergoeden — en dat omvat méér dan de reparatienota. Hoe u iemand aansprakelijk stelt en wat u daarvoor moet aantonen, leest u bij aansprakelijkheid van de tegenpartij.