Wat speelde er in deze BTW bijtelling milieuonvriendelijke auto zaak uit 2008?
In 2008 ontstond er een discussie over de omzetbelasting (BTW) die ondernemers moesten betalen voor het privégebruik van hun zakelijke auto. Normaal gesproken mag je als ondernemer de BTW op de aanschaf en het onderhoud van je bedrijfsauto aftrekken. Maar als je de auto ook privé gebruikt, moet je hiervoor een correctie toepassen. Vaak wordt hiervoor een vast percentage (forfait) van de cataloguswaarde van de auto gebruikt.
De Belastingdienst had in 2009 een regeling uitgebracht (het Besluit) waarbij een verschil werd gemaakt tussen ‘milieuvriendelijke’ en ‘milieuonvriendelijke’ auto’s. Voor milieuvriendelijke auto’s gold een lager percentage voor de BTW-bijtelling voor privégebruik (bijvoorbeeld 14% in plaats van 25% van de waarde van de auto, keer 12% BTW). De eiseres in deze zaak, een fiscaal eenheid, bezat een ‘milieuonvriendelijke’ auto en vond dit onderscheid oneerlijk. Ze hadden € 1.711 BTW afgedragen voor het privégebruik, maar wilden dit verlaagd zien naar € 958, gebaseerd op het lagere percentage.
Waarom was dit onderscheid onredelijk volgens de ondernemer?
De ondernemer stelde dat de Belastingdienst met het Besluit een ongerechtvaardigd onderscheid maakte. Zij vonden dat er voor de omzetbelasting geen verschil zou moeten zijn tussen milieuvriendelijke en milieuonvriendelijke auto’s als het gaat om het privégebruik. De hoeveelheid BTW die je moet betalen voor privégebruik heeft namelijk niets te maken met hoe ‘groen’ de auto is, maar puur met de aanschafprijs en de mate van privégebruik. Ze beriepen zich op het ‘gelijkheidsbeginsel’, wat betekent dat gelijke gevallen gelijk behandeld moeten worden.
Wat besloot de Rechtbank Haarlem over de BTW bijtelling milieuonvriendelijke auto?
De Rechtbank Haarlem was het eens met de ondernemer. De rechtbank oordeelde dat milieuvriendelijke en milieuonvriendelijke auto’s voor de toepassing van de omzetbelasting op privégebruik als ‘gelijke gevallen’ moeten worden gezien. Het doel van de BTW-regels over privégebruik is om de BTW over dat privégebruik in rekening te brengen, en daarbij zijn alleen de totale BTW op de auto en het percentage privégebruik van belang, niet het type auto of hoe milieuvriendelijk deze is. Een milieudoelstelling mag niet worden gebruikt om binnen de BTW-regelgeving ongelijke behandeling toe te passen.
De rechtbank vond verder dat de groep die van de lagere bijtelling profiteerde (bezitters van milieuvriendelijke auto’s) niet ‘zeer beperkt’ was. Iedereen kon zo’n auto kopen. Daarom mocht de ondernemer zich wel beroepen op het gelijkheidsbeginsel. Het gevolg hiervan was dat het beroep van de ondernemer gegrond werd verklaard. De Belastingdienst moest het teveel betaalde bedrag van € 753 terugbetalen aan de ondernemer, plus het betaalde griffierecht.
Meer informatie over dit onderwerp vindt u op onze pagina over lease, financiering en belastingen.