Schadefonds verkeersongeval voorwaardelijk opzet 2023: wanneer krijg je een uitkering?
Stel je voor: je bent slachtoffer geworden van een verkeersongeval en hebt daardoor ernstig letsel opgelopen. Je denkt dat de andere bestuurder expres handelde en vraagt daarom een uitkering aan bij het Schadefonds Geweldsmisdrijven. Maar wat als de rechter oordeelt dat er geen sprake was van opzet? Dit gebeurde in een zaak bij de Rechtbank Midden-Nederland in 2023, waar een eiser geen uitkering kreeg.
Het Schadefonds Geweldsmisdrijven is er voor mensen die slachtoffer zijn geworden van een opzettelijk gepleegd geweldsmisdrijf in Nederland, waarbij ze ernstig lichamelijk of geestelijk letsel hebben opgelopen. Belangrijk hierbij is het woord ‘opzettelijk’. Het fonds is niet bedoeld voor ongelukken waar geen opzet in het spel is.
Wat is ‘voorwaardelijk opzet’ en waarom was het niet bewezen in dit verkeersongeval?
In deze specifieke zaak was de eiser, het slachtoffer van een verkeersongeval, van mening dat de andere bestuurder hem expres raakte. Volgens de eiser zag de bestuurder hem wel, maar gaf hij toch gas om voor hem langs te rijden op een rotonde. De bestuurder zou daarmee bewust het risico hebben genomen om de eiser te raken. Dit heet in juridische termen ‘voorwaardelijk opzet’: je accepteert bewust de grote kans dat er iets ergs gebeurt door jouw handelen.
De Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven wees de aanvraag van de eiser af. De rechtbank gaf de Commissie hierin gelijk. Waarom? Omdat uit de aangifte van de eiser niet duidelijk bleek dat de bestuurder echt de bedoeling had om hem letsel toe te brengen, of dat hij bewust dat risico nam. Het feit dat de bestuurder gas gaf om voor de eiser langs te gaan, was volgens de rechter niet genoeg om ‘voorwaardelijk opzet’ aan te nemen. Daarbij speelde ook mee dat de bestuurder niet strafrechtelijk was vervolgd voor het ongeluk. Zonder duidelijk bewijs van opzet (of voorwaardelijk opzet) komt de eiser niet in aanmerking voor een uitkering uit het Schadefonds. Voor meer informatie over dit onderwerp, bezoek onze pagina over schadevergoeding en aansprakelijkheid.
Niet gehoord tijdens bezwaar: een andere kwestie
De eiser voerde ook aan dat hij ten onrechte niet was gehoord tijdens de bezwaarfase, omdat hij de uitnodiging voor de zitting niet had ontvangen of kunnen openen. De rechtbank heeft dit argument echter ook afgewezen. Uit de dossiers bleek dat de uitnodiging op de juiste manier digitaal was verstuurd naar het bekende e-mailadres van de eiser. De eiser gaf zelf ook aan dat hij het bericht wel had ontvangen, maar de inhoud niet kon lezen. Omdat hij hierover geen contact had opgenomen met de Commissie, kon dit ook geen reden zijn voor een ander oordeel.