Letselschade

Letselschade voorschot scooter ECLI 4787: claim afgewezen in 2025

Een jongeman vroeg in 2025 een voorschot voor letselschade na een scooterongeluk in 2022. De rechter wees de claim af, omdat de jongeman zijn huidige schade en het verband met het ongeluk niet goed kon bewijzen. Vooral recente medische informatie en uitsluiting van andere oorzaken (zoals schildklierproblemen) ontbraken.

Uitkomst: Vordering koper afgewezen
Rechtbank

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak

9 juli 2025

Zaaknummer

C/13/770042 / KG ZA 25-406 VVV/KH

ECLI

ECLI:NL:RBAMS:2025:4787

Onderwerp

Letselschade; Voorschot schadevergoeding

Wetsartikel

Artikel 185 WVW (Wegenverkeerswet)

Samenvatting in gewone taal

Geen voorschot letselschade na scooterongeluk 2025: Waarom de rechter de claim afwees

In een recente uitspraak van de Rechtbank Amsterdam, bekend onder ECLI:NL:RBAMS:2025:4787, werd het verzoek om een letselschade voorschot scooter ECLI 4787 afgewezen. Een jongeman, die in 2022 een scooterongeluk kreeg, eiste een voorschot op zijn schadevergoeding van verzekeraar Achmea. Hoewel Achmea al een deel van de aansprakelijkheid had erkend en eerder bedragen had betaald, vond de rechter dat de jongeman zijn huidige klachten en de geleden schade niet voldoende kon bewijzen. Dit betekent dat als je letsel oploopt, het heel belangrijk is om je schade goed te onderbouwen met bewijzen.

Wat is er precies gebeurd?

Het begon allemaal op 23 september 2022. De toen 17-jarige jongeman reed op zijn scooter in Amsterdam en kreeg geen voorrang van een fietser die bij Achmea verzekerd was. De fietser had voorrang moeten verlenen. Wel reed de jongeman zelf 30 km/u op een plek waar 15 km/u werd geadviseerd. Achmea erkende in februari 2023 de aansprakelijkheid voor twee derde deel van de schade, omdat de fietser een ‘beschermde deelnemer’ was en de jongeman op een motorvoertuig reed. Dit is gebaseerd op artikel 185 van de Wegenverkeerswet (WVW).

De claims en de vergoedingen tot nu toe

De jongeman gaf aan dat hij door het ongeluk chronische klachten had gekregen, zoals pijn in zijn polsen, nek, handen, elleboog en enkel, en ook psychische problemen. Hierdoor kon hij naar eigen zeggen niet meer studeren, werken of sporten en was hij afhankelijk van de zorg van zijn moeder. Hij claimde in totaal ruim €70.000 aan schade en vroeg in het kort geding om een voorschot van €32.000.

Achmea had echter al eerder bedragen betaald. In maart 2023 vergoedden ze materiële schade zoals een helm, oortje, beenkleed en scooterherstel, en een deel van zijn gemiste inkomen. In oktober 2024 betaalden ze ook eenzijdig €750 smartengeld (vergoeding voor immateriële schade), omdat ze de jongeman niet konden bereiken. Later, na contact met een advocaat van de jongeman, heropende Achmea het dossier, maar wees een nieuw voorschot af.

Waarom de rechter het voorschot afwees

De rechter vond dat de jongeman niet voldoende had bewezen dat zijn klachten op dit moment nog voortkwamen uit het ongeluk, en dat de schade groter was dan wat Achmea al had betaald. Er miste vooral recente medische informatie over de jaren 2024 en 2025. Uit eerdere medische stukken bleek bovendien dat de jongeman kampte met een te snel werkende schildklier (hyperthyreoïdie), een aandoening die ook gewrichtsklachten kan veroorzaken. De rechter kon daarom niet uitsluiten dat deze aandoening (mede) de oorzaak was van zijn klachten. Zonder concrete en recente bewijzen was het lastig om een voorschot toe te wijzen.

De rechter benadrukte dat de jongeman zijn schade – en het verband tussen het ongeluk en de schade – moet kunnen aantonen met objectieve stukken. Denk hierbij aan verklaringen van artsen, werkgevers of leraren. Omdat beide partijen moeite hadden met de communicatie, besloot de rechter de proceskosten te compenseren, wat betekent dat elke partij de eigen kosten moest dragen. Voor meer informatie over dit onderwerp, bezoek onze pagina over letselschade en ongevallen.

Wat speelde er in deze zaak?

23 september 2022

De 17-jarige [eiser] krijgt een verkeersongeval met zijn scooter, waarbij hij geen voorrang krijgt van een fietser.

22 februari 2023

Verzekeraar Achmea erkent aansprakelijkheid voor 2/3 deel van de schade.

30 maart 2023

Achmea betaalt materiële schade (€430 voor helm/oortje/beenkleed en deel inkomsten, €1.689 voor scooterschade).

Maart 2023

[eiser] wordt verwezen naar plastische chirurgie voor aanhoudende polsklachten na het ongeval.

September 2023

School van [eiser] meldt opname voor onderzoek naar klachten als hoofdpijn, hartkloppingen en schildklierproblemen (hyperthyreoïdie).

28 oktober 2024

Achmea betaalt eenzijdig €750 smartengeld als 'slotbetaling' omdat contact met [eiser] niet lukte.

20 februari 2025

Achmea heropent het letselschadedossier na contact via Anti Incasso, de advocaat van [eiser].

10 maart 2025

Achmea wijst het verzoek van [eiser] om een voorschot van €20.000 schade en €5.000 juridische kosten af wegens gebrek aan onderbouwing.

19 juni 2025

Zitting van het kort geding bij de Rechtbank Amsterdam, waar [eiser] een voorschot van €32.000 eist.

9 juli 2025

De voorzieningenrechter wijst de gevraagde voorzieningen (voorschot) af, voornamelijk door onvoldoende bewijs van de schade en het causaal verband.

Standpunt van de koper

[eiser] stelt dat hij door het ongeval chronische klachten heeft gekregen, zoals pijn in polsen, nek, handen, elleboog en enkel, en psychische problemen. Hierdoor kon hij niet meer studeren, werken of sporten en was hij afhankelijk van zijn moeder. Hij claimt een totaalbedrag van €70.470 aan schade en eist een voorschot van €32.000. Hij beroept zich op de omkeringsregel voor het causaal verband tussen het ongeval en de schade.

Verweer van de verkoper

Achmea erkent 2/3 van de aansprakelijkheid, maar betwist de hoogte en het causaal verband van de door [eiser] geclaimde schade. Zij stelt dat er, ondanks herhaalde verzoeken, onvoldoende onderbouwing is voor de schade en de relatie met het ongeluk, vooral voor de periode na 2023. Achmea wijst erop dat [eiser] kampt met schildklierproblemen (hyperthyreoïdie) die ook gewrichtsklachten kunnen veroorzaken, en sluit niet uit dat deze aandoening de klachten (mede) veroorzaakt.

De centrale juridische vraag

Kan een voorschot voor letselschade worden toegewezen als recente medische onderbouwing ontbreekt en andere mogelijke oorzaken voor de klachten niet zijn uitgesloten?

Veelgestelde Vragen (FAQ)

Wat is letselschade?

Letselschade is schade die je oploopt door lichamelijk of geestelijk letsel, bijvoorbeeld na een ongeluk. Denk aan medische kosten, verlies van inkomen of smartengeld voor leed en pijn.

Waarom werd het voorschot in deze zaak afgewezen?

Het voorschot werd afgewezen omdat de eiser (de jongeman met het ongeluk) onvoldoende kon bewijzen dat zijn huidige klachten direct door het ongeluk kwamen en dat zijn schade meer was dan wat de verzekeraar al betaald had. Er miste vooral recente medische informatie over de klachten na 2023.

Wat is het belang van medische bewijsstukken bij letselschade?

Medische bewijsstukken zijn heel belangrijk bij letselschade. Ze laten zien welk letsel je hebt opgelopen, hoe ernstig het is, en of je klachten blijvend zijn. Zonder deze bewijzen is het moeilijk om aan te tonen dat je schade hebt door een ongeluk en om een vergoeding te krijgen.

Wat is hyperthyreoïdie en hoe kan het een letselschadezaak beïnvloeden?

Hyperthyreoïdie betekent dat je schildklier te snel werkt. Dit kan allerlei klachten veroorzaken, zoals gewrichtspijn en vermoeidheid. In deze zaak speelde het een rol omdat de rechter niet kon uitsluiten dat deze aandoening (mede) de oorzaak was van de aanhoudende klachten van de eiser, in plaats van alleen het scooterongeluk.

Wat is de 'omkeringsregel' en hoe werkt deze in letselschadezaken?

De omkeringsregel is een juridische regel die zegt dat als iemand een veiligheidsnorm overtreedt die bedoeld is om een specifiek gevaar te voorkomen, en dat gevaar doet zich voor, het dan aan de tegenpartij is om te bewijzen dat de schade NIET door die overtreding is gekomen. In letselschadezaken kan dit soms helpen bij het bewijzen van het verband tussen de fout en de schade, maar er moet wel eerst aannemelijke schade zijn.